|
|
||||
![]() |
||||
Jerry van Rooijen (1927-2009)
Gerard ‘Jerry’ van Rooijen werd geboren in Den Haag. Na de Tweede Wereldoorlog studeerde hij, net als zijn jongere broer Ack, trompet aan het Koninklijk Conservatorium aldaar. In 1949 ging Jerry naar New York als uitwisselingsstudent. Daar kwam hij in contact met jazzgrootheden als Fats Navarro, Charlie Parker en Clifford Brown.
Jerry stortte zich vol overgave in de levendige New Yorkse jazzwereld, en hij bracht stapels platen terug naar Nederland. Zo kregen Europese jazz musici van hem informatie uit de eerste hand over de laatste ontwikkelingen. Door problemen met zijn embouchure zag hij zich gedwongen zijn muzikale bezigheden te verleggen, en hij wist zich in hoog tempo tot een veelgevraagd componist-arrangeur te ontwikkelen. In de jaren vijftig kreeg Jerry het aanbod van de platendivisie van Philips om in Parijs als producer te gaan werken. Daar raakte hij ondermeer bevriend met Michel Legrand en Quincy Jones, met wie hij in latere jaren zou samenwerken. Gedurende zijn Parijse periode werkte Jerry ook met Marlene Dietrich. Projecten met solisten als Fats Navarro, Stan Getz en Max Roach, vormden een belangrijke basis voor zijn verdere werk.
Volgens Jerry was Parijs een magische stad in die jaren. Het was de woonplaats van een groot aantal gerenommeerde musici, waaronder beroemde Amerikaanse jazzspelers. ‘s Winters was Jerry in Parijs, en deelde hij zijn appartement met andere musici. Kenny Clarke woonde aan de overkant. ‘s Zomers verkaste Jerry met een grote groep naar het zuiden, naar Monte Carlo, waar ze grandioze muziekvoorstellingen realiseerden. Daar schreef hij ook voor het orkest van Aimé Barelli. Jarenlang verdeelde hij zo zijn tijd tussen Parijs en Monte Carlo, totdat de Europese jazz min of meer ten onder ging door de opkomst van de rock 'n roll.
In 1965 werd Jerry leider van het orkest van de Sender Freies Berlin. Tot 1977 werkte hij in Berlijn als componist-arrangeur voor radio- en filmproducties. Eén van de meer prestigieuze opdrachten die hij verwierf was het schrijven van de muziek voor de Olympische Spelen van 1972, in München. Het verschafte hem internationale roem. Rond dezelfde tijd formeerde hij voor het NOS jazz Festival een big band met als solisten Benny Bailey, Åke Persson, Piet Noordijk en Tony Coe. Het orkest werd vastgelegd op de alom geprezen plaat Festival Big Band.
Begin jaren tachtig was Van Rooijen terug in Nederland. Gedurende enkele jaren vervulde hij de taak van artistiek directeur van de jazz afdeling van het Hilversums Conservatorium. Daarnaast leidde hij ook diverse radio-orkesten. Hij keerde terug naar Duitsland in 1985 om de vermaarde WDR big band te leiden, waar hij ook veel voor zou schrijven. Tegelijkertijd was hij als gastdocent actief aan een aantal Europese conservatoria.
Vanaf 1983 was Jerry de muzikaal leider van het Dutch Jazz Orchestra, dat ondermeer zijn composities en arrangementen uitvoerde en opnam. Later speelde Jerry een belangrijke rol voor het orkest door zijn visionaire interpretaties van de herontdekte muziek van Billy Strayhorn. Niet alleen zijn indrukwekkende kennis en begrip van de orkestrale jazz zijn kenmerkend voor Jerry van Rooijen, maar ook zijn geheel eigen wijze van dirigeren. Het leidt tot een ongekend warme orkestklank en een fenomenale timing.
Copyright © 2009, Dutch Jazz Orchestra. All rights reserved.
The Red and Brown Brothers - East Coast Jazz (1956)
1. Not Really the Blues
2. Moonglow
1e trpt solo Jerry, 2e trpt solo Ack van Rooyen